| |
° voorraad° software
° cd
° geluidsfragmenten
° projecten

|

|
Leverkusen
- Hitdorf, R.K.-Kirche
G.M. Holdich (ca 1872/1891)
Great
C--g3
Dbl. Open Diapason
Open Diapason
Clarabella
Principal
Twelfth
Fifteenth
Tierce
Sesquialtra
Mixture
Trumpet
Clarion |
16 ft
8 ft
8 ft
4 ft
2
2/3 ft
2 ft
1 3/5
ft
2 rks
3 rks
8 ft
4 ft |
o
o
o
o
o
o |
Swell
C-g3
Dbl. Diapason
Open Diapason
Dulciana
Stopped Diapason
Principal
Fifteenth
Mixture
Cornopean
Hautboy
Tremulant |
16 ft
8 ft
8 ft
8 ft
4 ft
2 ft
2 rks
8 ft
8 ft
|
o |
Choir
Stopped Diapason
Dulciana
Principal
Flute
Piccolo
Cremona
Tremulant
Pedal
C-f1
Dbl. Open Diapason
Bourdon
Principal
Fifteenth
Trombone
Trumpet |
8 ft
8 ft
4 ft
4 ft
2 ft
8 ft
16
ft
16 ft
8 ft
4 ft
16 ft
8 ft |
o
o
o
o
o |
o
= nieuw
(reconstructie), o
= nieuw
(toevoeging)
Swell to Great, Swell to Choir, Swell Diacton,
Great to Pedal, Swell to Pedal, Choir to Pedal
De
oorspronkelijke bouwer van het te Leverkusen-Hitdorf geplaatste
instrument, George Maydwell Holdich (1816-1896), studeerde
aanvankelijk medicijnen. Na de voltooiing van deze studie koos
hij een andere weg, en ging in de leer bij de orgelbouwer J. C.
Bishop.
In
1837 startte hij op 21-jarige leeftijd een eigen bedrijf. Hij bouwde
aanvankelijk vooral kleinere instrumenten in dorpskerken. In het derde
kwart van de negentiende eeuw was hij echter ook verantwoordelijk voor
een aantal grote instumenten, waaronder een “cathedral organ” (Lichfield,
1861).
In een
tijd dat de orgelbouw in Engeland zich volop ontwikkelde, droeg het
werk van Holdich conservatieve kenmerken. De klankopbouw bleef geïnspireerd
door klassieke uitgangspunten.
Tot in zijn laatste orgels bleef Holdich altijd een afzonderlijke Tierce
disponeren, waar dit na 1820 in Engeland niet meer gebruikelijk was.
Een andere bijzonderheid is het regelmatig disponeren van twee Dulciana’s
(gebruikelijk was één Dulciana op het Choir of het Great).
Daarnaast is er de “Diaocton”, de door Holdich zo genoemde
“octave coupler”, die hij introduceerde in 1843. Deze octaafkoppel
werkte over het hele manuaal, doordat windlade en pijpwerk met een
extra octaaf waren uitgebreid.
In 1887 publiceerde Holdich een pamflet, ter gelegenheid van zijn
50-jarig jubileum als orgelbouwer. Hierin wordt het aantal van 455
orgels vermeld die in die 50 jaar door Holdich zijn gebouwd. De lijst
is incompleet, en wordt besloten met de woorden besides many others.
Over de geschiedenis van het Holdich-orgel dat nu in Leverkusen staat,
is helaas weinig met zekerheid bekend. Het instrument wordt genoemd in
het pamflet uit 1887, maar komt niet voor in een pamflet uit 1871. De
kerk waarin het stond, St. Paul’s Church, Chiswick, London, is
gebouwd omstreeks 1872. Daar op stukken krantenpapier die waren
gebruikt om loszittende stoppen op te vullen, het jaartal 1872 is
gevonden, is het waarschijnlijk dat het orgel is gebouwd in 1872, als
tweemanualig instrument. Op basis van de nog aanwezige windladen uit
1872 heeft het orgel waarschijnlijk de volgende dispositie gehad:
Great
(C- f3)
Open Diapason 8ft
Clarabella 8ft
Dulciana 8 ft
Principal 4 ft
Flute 4 ft
Swell (C-f3)
Double Diapason 16 ft
Open Diapason 8ft
Stop Diapason Bass/Treble 8 ft
Dulciana 8 ft
Principal 4 ft
Fifteenth 2 ft
Mixture 2 ft
Trumpet Bass/Treble 8 ft
Hautboy 8 ft
Pedal (C-e1)
Open Diapason 16 ft
Bourdon 16 ft 12 pipes transmitted from Double Diapason
De luiken van het Swell bevonden zich oorspronkelijk aan de
achterzijde van het orgel. Het is onbekend wat daar de reden van
geweest kan zijn.
In 1891 is het orgel uitgebreid tot een 3-manualig instrument. Er is
een nieuwe hoofdlade gemaakt (het jaartal 1891 is in deze lade
gevonden), die pneumatisch werd bediend. De oude Great-lade is opnieuw
gebruikt, maar nu voor het Choir. De exacte dispositie van 1891 is
niet bekend. Wel bekend is de dispositie zoals deze door de
dispositieverzamelaar Andrew Freeman op 16 februari 1940 is
opgetekend. Deze was als volgt:
Bouwjaar: 1872
Great
Double Diapason 16ft
Open Diapason 8 ft
Hohlflute 8 ft
Principal 4 ft
Harmonic flute 4 ft
Fifteenth 2 ft
Mixture III
Trumpet 8 ft
Choir
Clarabella 8 ft
Unda Maris 8 ft
Dulciana 8 ft
Flute 4 ft
Clarinet 8 ft
Swell
Double Diapason 16 ft
Open Diapason 8 ft
Stop Diapason bass 8 ft
Stop Diapason treble 8 ft
Gamba 8 ft
Voix Celestes 8 ft
Principal 4 ft
Fifteenth 2 ft
Horn 8 ft
Hautboy 8 ft
Tremulant
Pedal
Double Open Diapason 16 ft
Bourdon 16 ft
Octave 8 ft
Het orgel stond opgesteld aan de noordzijde van het koor. De
Swell-lade en de Great-lade stonden op hetzelfde niveau, dus achter
elkaar met een stemgang ertussen. De swell-luiken zijn vermoedelijk in
1891 verplaatst naar de voorzijde van de zwelkast. De volgorde van het
pijpwerk werd hierdoor ongebruikelijk: de twee tongwerken stonden nu
achterin, en het grotere pijpwerk stond vanaf nu voorin, direct achter
de luiken. De Choir-lade was opgesteld in de onderkas, achter de
manualen, en klonk daardoor als een echoklavier. Het orgel was
gedeeltelijk ingebouwd in een podium, waardoor de manualen zeer hoog
in het bokwerk lagen.
Dit was de situatie zoals ze werd aangetroffen in november 1993, toen
het orgel werd gedemonteerd door de firma Feenstra. Het front is bij
die gelegenheid in de kerk achtergebleven. Met name van het Great was
al het hogere pijpwerk verdwenen, doordat in de kerk inmiddels een
electronisch orgel was geïnstalleerd. De luidsprekers had men in het
Holdich-orgel geplaatst.
Bij
de restauratie/reconstructie in 2000/2001 is er naar gestreefd het
bestaande materiaal zo goed mogelijk te conserveren, en de
reconstructies zoveel mogelijk in Holdich-stijl te maken. Een tweede
uitgangspunt was de bestaande kerkruimte en de functie die het
instrument zou gaan krijgen. Vanuit die functie is bijvoorbeeld het
Choir niet teruggeplaatst in de onderkas, maar uitgevoerd als rugwerk.
En voor de vormgeving van de nieuwe kassen is een bestaand orgel van
William Hill (St. Mary-at-Hill, London, 1848) als voorbeeld genomen,
passend bij de neoromaanse kerk te Leverkusen-Hitdorf. Bovendien is,
voor het vergroten van de gebruiksmogelijkheden, het pedaal uitgebreid
tot zes stemmen. Vijf daarvan staan op nieuwe laden ter weerszijde van
de Great-lade. De Open Diapason 16 ft staat op een eigen, eveneens
nieuwe lade achter het orgel. De Great-lade uit 1891 is niet
opnieuw gebruikt. In plaats daarvan is een nieuwe en grotere lade
gemaakt, in stijl en factuur van de de laden uit 1872. De Swell-lade
ligt op het nieuwe bokwerk nu boven de Great-lade, direct achter het
front. Windkanalen en mechanieken zijn grootendeels nieuw gemaakt. De
bijpassende balustrade is eveneens nieuw gemaakt.
|